Het STiP-5.1 interview werd in verschillende doelgroepen onderzocht: volwassenen, adolescenten en gedetineerden.
Het werd onderzocht in verschillende landen: Nederland, Duitsland, Tsjechië en Estland. Het interview werd ook opgenomen in verschillende andere studies.
De resultaten laten zien dat het interview betrouwbaar kan worden gescoord en dat er een betere interbeoordelaarsbetrouwbaarheid is dan wanneer de Niveau van Persoonlijkheidsfunctioneren Schaal wordt ingeschat op basis van een klinisch gesprek of ander interview.
De scores op de STiP-5.1 laten zowel construct- als predictieve validiteit zien. De scores hangen zoals verwacht samen met andere maten voor persoonlijkheidspathologie en voorspellen toekomstige functionele uitkomsten beter dan de traditionele criteria van persoonlijkheidsstoornissen.
Verder laat onderzoek ook zien dat de STiP-5.1 scores een belangrijk deel van de relatie tussen trauma en de ontwikkeling van psychopathologie mediëren.
